De prins Tamino verdwaalt als hij op de vlucht is voor een reuzenslang. Hij roept om hulp en stort uitgeput en
bewusteloos ter aarde. Drie betoverende vrouwen redden hem en doden het monster.
De vogelvanger Papageno schept tegenover Tamino op dat hij het ondier heeft
gedood. Maar de drie vrouwen komen terug en straffen de opschepper door zijn
mond met een slot te verzegelen. Zij maken zich bekend als vrouwen uit het
gevolg van de Koningin van de Nacht, heerseres over het land waar de prins
verzeild is geraakt. De koningin heeft hulp nodig want haar dochter is ontvoerd.
Zij geven de prins een portret van Pamina en Tamino's hart staat meteen in vuur
en vlam. Dan verschijnt de Koningin van de Nacht zelf en zij belooft de prins
Tamina's hand als hij haar uit de klauwen van de slechte Sarastro bevrijdt.
Tamino gaat akkoord en krijgt Papageno mee als reisgezel. Als hulpmiddel krijgt
Tamino een toverfluit en Papageno een klokkenspel. Het slot van Papageno's mond
wordt verwijderd en drie knapen zullen het duo wegwijs maken in Sarastro's rijk.
Terwijl de heer des huizes afwezig is, wil de slavenopzichter Monostatos in
Sarastro's paleis zijn liefde opdringen aan Pamina. Papageno stuit bij toeval op
Pamina en redt haar (eigenlijk meer per ongeluk) van Monostatos. Pamina is erg
verheugd als ze van Papageno verneemt dat Tamino haar weldra definitief zal
bevrijden. De prins is inmiddels in de tempel der wijsheid gearriveerd en hoort
dat dit het domein is van Sarastro en dat deze daarom geen slecht mens jan zijn.
Hij probeert met zijn toverfluit contact te maken met Pamina. Dankzij de
panfluit van Papageno kan hij de juiste route vinden. Pamina en Papageno
proberen te vluchten, maar dat wordt verijdeld door Monostratos en zijn slaven.
Papageno betovert de wachters met zijn klokkenspel, waardoor zij gaan dansen en
niet meer kunnen stoppen. Maar op het moment dat de vluchtpoging alsnog lijkt te
slagen, keert Sarastro van de jacht terug. Hij vergeeft Pamina, straft de Moren
en stuurt Tamino en Papageno naar de tempel der beproevingen.
worden in de tempel van de wijsheid en zo Pamina waardig zal zijn. Tamino is
vastbesloten om met gevaar voor eigen leven de beproevingen te ondergaan.
Papageno is een echtgenote in het vooruitzicht gesteld, dus hij gaat mee. Het
eerste gebod is absolute zwijgzaamheid. De drie dames van de Koningin van de
Nacht waarschuwen beide mannen voor mogelijke listen van de priesters en een
dodelijke afloop. Maar Tamino en Papageno laten zich niet in de luren leggen.
Monostatos besluipt de slapende Pamina. Ook de Koningin der Nacht bezoekt haar
dochter en zij eist dat Pamina Sarastro vermoordt om daardoor de zevenvoudige
zonnecirkel, het symbool van grote macht, terug te veroveren. Monostatos
ontfutselt Pamina de dolk die zij van haar moeder heeft gekregen en stelt haar
voor de keuze: de liefde of de dood. Sarastro redt Pamina en jaagt de Moor op
de vlucht. Pamina biecht dan het moordbevel van haar moeder op en vraagt
Sarastro om vergeving. De eerste beproeving behelst het naleven van het
spreekverbod. Papageno faalt. Maar Tamino zwijgt zelfs tegenover een smekende
Pamina die slechts een enkel woord van liefde wil horen. Zij denkt dat Tamino
haar verraden heeft en ze wil zelfmoord plegen. De drie knapen nemen haar echter
de dolk af en brengen haar naar Tamino. Papageno wil ook sterven omdat hij geen
recht meer heeft op de beloofde beloning. Hij omarmt het leven echter weer
gaarne als de drie knapen hem bij Papageno brengen. Pamina en Tamino doorstaan
de vuur- en waterbeproeving. Onder leiding van Monostatos dringen de Koningin
van de Nacht en haar gevolg het rijk van Sarastro binnen, maar zij worden
vernietigd. Pamina en Tamino worden opgenomen in de broederschap der ingewijden.
Deze pagina is bijgewerkt op 13 september 2007